//
Actualiteit, België

Pascal Smet: “GAS-boetes zijn noodzakelijke stok achter de deur” [Video]

Pascal Smet, Vlaams minister van Jeugd, Gelijke Kansen, Onderwijs en Brussel. (Foto: Stampmedia)

Pascal Smet, Vlaams minister van Jeugd, Gelijke Kansen, Onderwijs en Brussel.
(Foto: Stampmedia)

De Gemeentelijke Administratieve Sancties waren eind vorig jaar niet uit de media te slaan. Vandaag is de storm wat gaan liggen en gaat de discussie vooral achter de schermen verder. De perfecte gelegenheid om eens samen te zitten met Pascal Smet, Vlaams minister van Jeugd, Onderwijs, Gelijke Kansen en Brussel.

door Gunther Malin, video Bert Roymans

In augustus 2012 had meer dan 80% van de Vlaamse gemeenten een GAS-reglement, een stijging van ongeveer 50% in vergelijking met 2005. In december keurde de federale regering een wetsvoorstel goed waardoor jongeren vanaf 14 jaar een administratieve sanctie kunnen krijgen. Met open vizier gingen we eens luisteren bij Vlaams minister van Jeugd Pascal Smet, om te achterhalen wat zijn visie is op de Gemeentelijke Administratieve Sancties.

GAS-boetes worden ingezet om overlast in te perken. Maar overlast is een vaag begrip. Leidt dat niet tot willekeur?

Pascal Smet: “In het recht is het onvermijdelijk dat sommige termen vaag zijn. Ze moeten door de samenleving ingevuld worden, want ze kunnen bijvoorbeeld evolueren in de tijd. Aangezien ‘overlast’ een containerbegrip is, moet de federale wetgever wel duidelijke voorbeelden geven van wat het precies inhoudt. Willekeur moet vermeden worden en de overheid moet optreden wanneer er uit de bocht gegaan wordt. Vergissingen zijn altijd mogelijk en moeten opgevolgd worden. Ik heb ook aan de Ambrassade en mijn administratie Jeugd de opdracht gegeven dat mee op te volgen en te stofferen.

Het is belangrijk om tot een duidelijke definitie van ‘overlast’ te komen, want jongeren moeten de ruimte krijgen om jong te zijn. Maar het zal altijd een begrip blijven dat geïnterpreteerd moet worden. En uiteindelijk is het dan ook een rechter die het laatste woord heeft.”

Het duurt wel heel lang voor er een rechter aan te pas komt.

“Ja, maar het systeem moet zo uitgewerkt worden door de gemeenten dat er eigenlijk geen GAS-boetes uitgedeeld worden. Ik denk dat de beste GAS-boete een vermeden GAS-boete is. De bemiddeling is ook belangrijk. Ouders moeten bij het hele proces betrokken worden en men moet hen op hun verantwoordelijkheid wijzen. De boetes moeten daarbij een stok achter de deur zijn voor een heel kleine groep die niet wil luisteren en die een duidelijk signaal nodig heeft. Er gaat dus een hele procedure vooraf en achteraf is een rechterlijke toetsing mogelijk. En het is toch niet omdat een gemeente een stommiteit begaat, dat heel het systeem slecht is? Het is niet omdat je een keer te warme soep drinkt, dat je nooit meer soep zult drinken.”

In Brugge heeft uw partijgenoot Renaat Landuyt het systeem terug afgebouwd naar wildplassen en sluikstorten. Een goede beslissing?

“Er is een federaal kader dat GAS-boetes mogelijk maakt en elke gemeente moet dat bekijken in functie van de lokale toestand. Vooral in grotere steden kan ik me inbeelden dat er een probleem is. Ik woon zelf in Brussel en ik weet waarover ik spreek. Je moet niet van elke jongere een romantisch beeld ophangen dat hij de onschuld zelve is, zelfs niet op 14 jaar. Je mag ook niet iederéén over eenzelfde kam scheren, want dat is een beetje de ziekte van deze tijd. De uitzondering wordt snel als de regel voorgesteld.

Ik stel mezelf wel eens de vraag:
‘Hoe ongelukkig moet je als volwassene zijn als je het geluk
van spelende kinderen niet kunt aanhoren?’

Ik besef dat er een grotere onverdraagzaamheid heerst binnen de maatschappij. Ik stel mezelf wel eens de vraag: ‘Hoe ongelukkig moet je als volwassene zijn als je het geluk van spelende kinderen niet kunt aanhoren?’ Een voorbeeld: de kinderdagverblijven. Die moeten er overal kunnen zijn, maar de context is belangrijk. Als iemand bewust ergens gaat wonen in een stiltegebied, en ineens komt er out of the blue een speelplein, dan is het evident dat die inwoner niet tevreden is. Maar als diezelfde persoon in de stad gaat wonen en er komt een kinderdagverblijf naast zijn huis, dan moet die niet klagen, want hij weet dat het daar mogelijk is.

Jongeren moeten de ruimte krijgen om jong te zijn, ook in de publieke ruimte. Niet alle kinderen die op een plein hangen, zijn een probleem. Maar als ze anderen pesten of drugs dealen – wat niet altijd gebeurt, natuurlijk – dan is er wel een probleem.”

Gezond verstand


U geeft zelf aan dat GAS nodig zijn voor een minderheid, die het verknoeit voor een meerderheid. Is een uitbreiding van het jeugdrecht dan niet beter dan een vaag en willekeurig systeem?

“Dat is een keuze die je maakt, maar een jongere die iets verkeerd doet, moet snel de grenzen leren kennen. En dan moet een rechter twee jaar later niet komen zeggen: ‘Wat je toen gedaan hebt, was verkeerd.’ Je mag ook niet elke jongere voor een heel rechtssysteem plaatsen. Daarom ben ik niet tegen de GAS-boetes, mits heel duidelijke voorwaarden: dat het voor de uitzonderingen is, als sluitstuk van een hele bemiddelingsprocedure en om jongeren tegen zichzelf te beschermen.

De overgrote meerderheid van de jongeren in Vlaanderen en Brussel bestaat uit gewone kinderen die opgroeien. Dat betekent dat ze grenzen verkennen en die af en toe proberen te verleggen. De essentie van opvoeden is grenzen trekken en om jongeren te doen inzien waar die liggen. Daar heerst enige spanning tussen, maar kinderen moeten nog altijd in de publieke ruimte aanwezig kunnen zijn. We mogen hen niet wegsteken.”

Maar erkent u dat de boetes momenteel niet alleen voor die uitzonderingen gebruikt worden? Er is het welbekende voorval van het broodje op de kerktrappen?

“Dat is wel ingetrokken, hé. Maar goed, dat was een vergissing, een stommiteit. Het stadsbestuur heeft dat gelukkig ingezien. Zolang een fout rechtgezet wordt, is dat niet erg. Natuurlijk moet iemand een broodje kunnen eten op de kerktrappen. Uiteindelijk komt het toch allemaal neer op gezond verstand gebruiken?”

Een gezond verstand dat momenteel niet inherent is aan het systeem, want quasi elke ambtenaar kan een boete uitschrijven.

“Dat hangt dan weer van de gemeente af. Die moet de ambtenaren opleiden en ondersteunen. Vandaar dat ik ook aan Joëlle Milquet (federaal minister van Binnenlandse Zaken, red.) gevraagd heb om het op te volgen en bij te sturen indien nodig. Het verbaast me dat zo’n argument gebruikt wordt. Het is toch niet omdat er bij de fiscale regelgeving al eens een fout gebeurt, dat je geen belastingen meer hoeft te betalen?”

Er is een verschil tussen afschaffen en bijsturen.

“Ik ben het er absoluut mee eens dat het een proces is van opvolgen. Dat is wat mij betreft een van de belangrijkste randvoorwaarden. Nogmaals: de beste GAS-boete is een vermeden GAS-boete.”

Door de jongere of door de overheid?

“Door de overheid… En door de jongere. Maar de eerste verantwoordelijken blijven de ouders. Kinderen maken is misschien plezierig, maar daar komen ook verantwoordelijkheden bij kijken. Ze moeten hun kinderen kunnen opvoeden zoals ze willen, maar ze maken ook deel uit van een samenleving. Wanneer om de een of andere reden de ouders afwezig zijn, is het belangrijk dat de samenleving hen prikkelt of ondersteunt. Maar het is volgens mij ook belangrijk dat je hen op hun verantwoordelijkheid wijst. En als er een probleem is, moet je bemiddelen.

Het beleid moet het signaal geven
dat kinderen in de publieke ruimte thuis horen

Voor mij is het luik vóór de boete het belangrijkste en niet dat er ambtenaren rondlopen die overal boetes uitdelen. Zo mag het niet functioneren.”

De stok achter de deur moet dus zo weinig mogelijk gebruikt worden?

“Absoluut. Het beleid moet het signaal geven dat kinderen in de publieke ruimte thuis horen. Er gebeurt kattenkwaad. Ik heb ook nog ‘belletje trek’ gedaan toen ik klein was. Maar als je dan onder je voeten kreeg, deed je dat niet meer.”

Nu krijg je een GAS-boete.

“Ja, maar als je dat één keer doet, is dat niet erg. Doe je dat 500 keer bij dezelfde persoon, dan is het pestgedrag. Zie je? ”

Publiek debat


Een ander discussiepunt is dat de scheiding der machten op de helling komt te staan.

“Het gaat hier niet om grote bedragen en uiteindelijk is er een rechterlijke toetsing. De rechter zal beoordelen of alles proportioneel en evenredig met de wetgeving verloopt. Zolang die toetsing er is, is er geen probleem.”

Er ligt toch veel macht bij de gemeente?

“Het college stelt het reglement voor en de gemeenteraad stemt daarover. De oppositie kan het inkijken en kan er een debat over voeren. De jeugdraad is er ook bij betrokken. Als die een probleem heeft, kan die dat zeggen. Nadien heb je nog de uitvoering door de gemeentelijke administratie en is er een controlemogelijkheid door de gemeenteraad.”

Er wordt volgens u gedebatteerd over de reglementen binnen de gemeenteraden. Hoe verklaart u dan dat sommige gemeenten tot absoluut absurde regels komen?

“Die vraag stel ik me ook. Er zijn zeker belachelijke voorbeelden, zoals dat broodje eten op de kerktrappen. Of gemeenten waar je niet in bomen mag klimmen.”

En waar je geen dozen mag verslepen, maar ze moet dragen. Dat is toch het resultaat van dat publieke debat?

“Ik wéét niet of er in die gemeenten publiek debat over geweest is, hé. Wellicht niet. En de jongeren in de jeugdraad hebben dat blijkbaar toch ook niet gezien? Binnen de afdeling Jeugd organiseren we in ieder geval vormingssessies met een hoofdstuk over de GAS, net om jongeren te sensibiliseren.

Er moet jaarlijks in de gemeenteraad
over gedebatteerd worden

Er moet jaarlijks in de gemeenteraad over gedebatteerd worden. Mocht ik in een Vlaamse gemeenteraad in de oppositie zitten dan zou ik daar elk jaar een debat over eisen. Cijfers, aantallen, gevallen, en daar conclusies uit te trekken. En dat gaat de dingen veel meer tot proportie brengen.”

Leeftijd verlaagd


Met de verlaging tot 14 jaar lijkt het alsof we jongeren gelijkstellen met overlast. Hoe zijn we tot die mentaliteit gekomen?

“Ja, dat lijkt zo. Maar is dat ook zo? Er is een probleem met de manier van berichtgeving. Het moet altijd spectaculair zijn. Ik ben ervan overtuigd dat er in de overgrote meerderheid van de gevallen gewoon geen probleem is. Alleen worden sommige geïsoleerde gevallen uitvergroot en gemediatiseerd. De schijn wordt werkelijkheid. Er is inderdaad de indruk dat er minder tolerantie is, maar de vraag is: is dat over het algemeen ook zo? Ik heb daar geen sluitend antwoord op.”

Die verlaging komt toch van ergens?

“Er zijn jongeren van 14 jaar die zich gedragen als semivolwassenen en zelfs als volwassenen. Daar kan je niet omheen. En die jongeren hebben vaak – niet altijd – familiale problemen of ouders die niet betrokken zijn. Dan is het belangrijk dat de samenleving een signaal geeft van ‘We care. Jij bestaat voor ons.’ Want vaak willen die jongeren gewoon laten weten dat ze bestaan.

Het doel van de interventie moet zijn:
een tweede kans geven om in de samenleving mee samen te leven

Als een kind geen speelpleintje of park heeft, dan speelt die natuurlijk al sneller eens op straat. En dan maakt dat meer kans om slechte vrienden te maken. Maar jongeren die zich gedragen als volwassenen, moet je behandelen als volwassenen. Dat betekent echter niet dat je geen begrip moet hebben voor hun situatie. Het doel van de interventie moet zijn dat ze een tweede kans geeft om in de samenleving mee samen te leven.”

Wordt er momenteel voldoende nadruk gelegd op bemiddeling?

“Volgens de cijfers uit Wallonië en Brussel blijkt dat 1 à 2% van de GAS-boetes naar jongeren ging. Dat is niet buitensporig, hé.”

Of het lage percentage betekent gewoon dat het probleem bij jongeren niet zo groot is.

“Maar blijkbaar is dat systeem wel nodig voor die 1 à 2%. En het lijkt erop dat men er verstandig mee omgaat. Laat ons hopen dat dat in de toekomst zo blijft. Nogmaals, ik ga ervan uit dat er bij de overgrote meerderheid van de jongeren geen probleem is. Dat zijn geen wandelende tijdbommen, hé.

De verlaging naar 12, waarvan nu sprake is, vind ik wel overdreven. Maar ik sta achter de verlaging naar 14 jaar. Om een oud begrip te gebruiken: als je 14 jaar bent, heb je de ‘jaren des onderscheids’ toch al. Dan kan je het onderscheid tussen goed en kwaad maken.”

Pedagoog Pedro de Bruyckere legt die ‘jaren des onderscheids’ op 24 jaar.

“Tja, iedereen heeft het recht op een afwijkende mening, hé. Ga hier buiten eens rondvragen. Ik denk dat de meesten toch de essentie van de dingen al kennen. Ik denk niet dat je tot je 24ste moet wachten om te weten dat je niet in het midden van de straat mag staan plassen.”

‘Gemeentelijke Asociale Sancties’


Het discours ten voordele van GAS bevat vaak woorden zoals ‘sociaal/asociaal’ en ‘respect’. Heeft het systeem zelf wel respect voor jongeren en is het zelf wel zo sociaal?

“Ja, want er is een bemiddelingsprocedure. Men gaat toch met hen praten? Als 15-jarigen rondhangen op een speelplein dat bedoeld is voor kinderen van 8 tot 10 jaar en ze vernielen speeltuigen, dan hebben ze geen respect. Noch voor de jongere kinderen, noch voor de publieke ruimte. Als ze daar stelselmatig zitten, dan moet je naar hen toe gaan en vragen ‘Waarom doe je dat?’ Ofwel blijkt dat ze zelf geen ruimte hebben en zorg dan als goed gemeentebestuur dat die er komt. Ofwel is er iets anders en dan moeten ze dat proberen uit te leggen. Maar blijven ze daar zitten, dan heb je als gemeentebestuur een middel nodig dat toelaat kort op de bal te spelen.”

U pleit voor context, maar het systeem zoals het nu bestaat, is toepasbaar zonder dat context een rol speelt.

“Dat is toch met alles zo? Bijvoorbeeld bij openbare zedenschennis. Als jij dringend moet plassen en niemand ziet dat en je doet dat tegen een boom in een park, dan is de kans dat je een boete krijgt minder klein als wanneer je dat in het midden van de straat doet. Maar strikt genomen is de eerste situatie ook openbare zedenschennis.”

Een absurd voorbeeld dan, dat jammer genoeg realiteit is. Een jongen kreeg een boete voor het nabootsen van een politiesirene. Nog frappanter is dat hij er eigenlijk niets mee te maken had.

“Die is naar de rechter gestapt, neem ik aan? En hij heeft gelijk gekregen?”

Nee, wanneer je beroep aantekent, komen daar extra kosten bij. Voormalig minister van Binnenlandse Zaken Luc van Den Bossche zei hetzelfde: sta je recht in je schoenen, stap naar de rechter. Maar niet iedereen kan dat betalen.

“Nee, maar er zijn ook veel meer mensen met een verzekering die de kosten denkt. Zo duur is dat ook niet, hé. Het kost wel wat geld, maar steeds meer mensen hebben dat.”

‘Ikke, ikke, ikke’


In de hele discussie lijkt niemand zich de vraag te stellen hoe het komt dat onze jongeren ‘zo’ geworden zijn: asociaal, egoïstisch en afkerig van autoriteit. Misschien ligt de oorzaak bij de maatschappij?

“We moeten oppassen met daar grootse verklaringen over af te leggen. Jongeren zijn mondiger en hebben meer toegang tot informatie. Onderschat de impact van het internet niet. Maar onze samenleving is ook veel opener dan vroeger. Het is niet slechter dat je individuele expressie hebt, maar die moet wel in functie van de andere en de samenleving zijn. Het mag niet altijd van ‘Ikke, ikke en de rest moet stikken’ zijn. Daar wordt de klemtoon misschien te weinig op gelegd. Niet alle jongeren zijn zo, je moet echt oppassen met dit soort veralgemeningen. Want ik heb het gevoel dat jouw generatie opnieuw wat meer op de samenleving gericht is.

Kinderen moeten kunnen opgroeien met vallen en opstaan.
Ze worden nu misschien iets te veel beschermd

Waar ik me wel wat zorgen over maak, is dat veel jongeren in materiële overvloed opgegroeid zijn en te veel te snel cadeau gekregen hebben. Kinderen moeten kunnen opgroeien met vallen en opstaan. Kinderen worden nu misschien iets te veel beschermd.”

Om af te sluiten: de GAS zoals ze er nu zijn, een goed systeem of niet?

“Het is een systeem dat voortdurend moet opgevolgd worden.”

Voor verbetering vatbaar?

“Alles is voor verbetering vatbaar.”

En u denkt dat de jeugd baat heeft bij dit systeem?

“Dé jeugd niet, maar een klein deel van de jongeren wel.”

© 2013 – C.H.I.P.S Stampmedia – Gunther Malin & Bert Roymans

Lees ook: Verbeteringstraject voor sneeuwballengooiers

Advertenties

Over Gunther Malin

Nationaal eindredacteur bij 'Het Laatste Nieuws' en journalist.

Reacties

3 gedachtes over “Pascal Smet: “GAS-boetes zijn noodzakelijke stok achter de deur” [Video]

  1. het is zo dat er belachelijk veel gasboetes zijn die echt niet kunnen ,en zijn er serieus over , maar aan de andere kant waar er dan werkelijk gasboetes nodig zijn.” bevoorbeeld aan bushaltes waar veel jongeren gewoon hun vuil in de tuinen van de mensen in de buurt werpen of gewoon op straat ” terwijl er op nog geen meter van de bushalte een vuilbak hangt en het een kleine moeite is om het daar in te doen ,doet niemand iets en heb zelfs al met een politieker over gepraat die dan gewoon zegt dat het aan het allemaal aan de school leiding ligt pfff ook belachelijk ,voor de rest staan ze bijwijze van spreken achter elke hoek om de mensen lastig te vallen . doe daar eerst maar iets aan zou ik zeggen ipv met nonsen bezig zijn

    Geplaatst door dede | 13 mei 2014, 7:51 pm

Trackbacks/Pingbacks

  1. Pingback: ‘Verbeteringstraject’ voor sneeuwbalgooiers « de Actueel - 26 januari 2013

  2. Pingback: TegenGAS is meer dan actie « de Actueel - 8 februari 2013

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

Archief

Enter your email address to follow this blog and receive notifications of new posts by email.

Doe mee met 57 andere volgers

%d bloggers liken dit: